In de natuur klimmen Monstera en philodendron tegen bomen op. Met steun groeien ze voller en krijgen ze grotere bladeren.
Klimmende aronskelken maken luchtwortels om zich vast te houden. Kunnen die nergens heen, dan hangt de plant slap over de rand en blijven de bladeren klein. Zodra de luchtwortels in vochtig mos kunnen groeien, zet de plant de volgende stap: grotere bladeren met meer insnijdingen.
Geschikt voor een mospaal
- Monstera deliciosa
- Philodendron (klimmende soorten)
- Pothos en Scindapsus
- Syngonium
De Sproet-mospaal vul je zelf met veenmos. Zo kun je hem nat houden en groeien de luchtwortels er echt in.